PDD-NOS

PDD-NOS staat voor Pervasive Development Disorder – Not Otherwise Specified en komt voor bij ongeveer 1 op de 200 kinderen. Kinderen met deze stoornis kunnen zich niet inleven in een ander persoon. Ze zijn erg op zichzelf gericht en hebben vaak een achterstand op emotioneel, sociaal en motorisch gebied.

Ze kunnen moeilijk omgaan met leeftijdsgenoten en hebben een afwijkend beeld van de fantasie en de werkelijkheid. Daarnaast vertonen ze vaak tekortkomingen in de communicatie en kunnen ze soms zeer moeilijke woorden gebruiken, terwijl ze zelf niet eens weten wat ze zeggen.

Kinderen met PDD-NOS kunnen de informatie die via de bewuste zintuigen binnenkomen niet of niet juist verwerken. Daardoor lijkt het erop dat zij de hele dag worden geprikkeld of juist onvoldoende worden geprikkeld. Dit komt door een slechte interactie tussen de linker en rechter hersenhelft. Met behulp van Neurofeedback wordt deze interactie verbeterd.

Bij kinderen en jongeren met PDD-NOS lijken er problemen te zijn bij de informatie-uitwisseling tussen de twee hersenhelften. De problemen liggen waarschijnlijk in de rechter hersenhelft, waar de waarneming van gezichten en emotionele gezichtsuitdrukkingen plaatsvindt. In het algemeen geldt dat kinderen met PDD-NOS moeite hebben om te plannen, flexibel te denken en adequaat te reageren op gedrag. Deze functies liggen in de prefrontale hersengebieden, boven de ogen.

Resultaten en effectiviteit Neuroptimal Neurofeedback
Neurofeedback zorgt ervoor dat de interactie tussen en binnen beide hersenhelften beter wordt. Hierdoor worden de gedachten en emoties van kinderen met PDD-NOS meer werkelijkheid. Ze gaan zich dan spontaner en socialer gedragen.

Na de behandelingen kunnen kinderen gedachten, gevoelens en ideeën beter in woorden omzetten en daarvan zinnen maken. Ze verbeteren het spreken en schrijven en krijgen daardoor meer zelfvertrouwen. Hierdoor gaan ze weer makkelijker communiceren en meer betrokkenheid vertonen.